|
Oorlogsmisdaden in JeninDoor: Jerome Marcus uit de Wall Street Journal 30 april 2002 - De Verenigde Naties willen een onderzoek instellen of het Israëlische leger zich schuldig heeft gemaakt aan schending van de mensenrechten van Palestijnen gedurende de inval deze maand in het vluchtelingenkamp Jenin. Omdat er burgers zijn omgekomen, valt in de pers het woord 'bloedbad'. Velen in het kamp van de mensenrechten hebben hun oordeel al klaar. ' Wanneer we worden geconfronteerd met de omvang van vernietiging van het Jenin vluchtelingenkamp', zegt Rene Kosirnik van het Internationaal Comité van het Rode Kruis, ' is het moeilijk om aan te nemen dat de internationale mensenrechten zijn gerespecteerd.' Ook Amnesty International beweert dat het duidelijk is dat de mensenrechten geschonden zijn in Jenin. Kosirnik en zijn vrienden hebben in één ding gelijk: Het internationaal recht was in Jenin geschonden en die schending zal moeten worden onderzocht. Maar het recht is niet geschonden door Israël, dat zorgvuldig en evenredig heeft gereageerd op de dagelijkse moordaanslagen op haar burgers. Zij die de mensenrechten schonden van Palestijnse burgers zijn Palestijnse terroristen, die zich met hun wapens verschanst hadden, zonder uniform of een andere aanduiding waaruit blijkt dat zij strijders zijn zoals de oorlogswet dat eist, onder de burger bevolking van de West Bank. Artikel 58 van de Geneefse Conventie, dat betrekking heeft op de bescherming van slachtoffers van internationale gewapende conflicten, stelt dat zij die de controle hebben over een gebied moeten:
George H. Aldrich, de Amerikaanse top onderhandelaar inzake dit verdrag, heeft verklaard dat 'een partij die de controle heeft over een gebied' - en dat waren de Palestijnen in elke stad op de West Bank voordat de Israëliërs hen versloegen - is gehouden alle mogelijke maatregelen te nemen om de burgers en civiele objecten te beschermen tegen de gevolgen van een gevecht, voornamelijk door te proberen hen te scheiden waar mogelijk van militaire objecten.' Een dergelijke partij moet daarom 'het onnodig plaatsen van militaire objecten in de buurt van woonhuizen vermijden.' De Palestijnse terroristen deden precies het tegenover gestelde. In plaats van 'het onnodig plaatsen van militaire objecten in de buurt van woonhuizen te vermijden,' verborgen zij dergelijke 'objecten' bijna uitsluitend in woonhuizen en andere burger gebouwen: de bomfabrieken die Israël overal in de West Bank heeft gevonden, bevonden zich in huizen, scholen en andere civiele plaatsen. En in plaats van ' te proberen waar mogelijk militaire objecten te scheiden van de burgers,' verbergen de Palestijnen militaire objecten, achter, in, in de buurt van en onder civiele (en zelfs humanitaire) objecten. De ambulance die bommen bevat, de zwangere jonge vrouw in 'barensnood', die zich ontpopte als een dame die het leven liet zien aan een bom - dit zijn wel de meest duidelijke schendingen van de internationale mensen rechten, begaan door de bevolking in wier midden deze militaire objecten waren verborgen. Na de gevechten legt een Arabische bommenmaker Omar in een interview met het weekblad Cairo Al-Aharam, trots uit hoe de Palestijnen woonhuizen veranderden in militaire objecten; ' We hadden meer dan 50 woonhuizen rond het kamp voorzien van booby-traps. Ongewapende vrouwen lokten zo de Israëlische soldaten de dood in.' De Palestijnen gebruiken de burger bevolking op deze manier, zoals we weten, omdat het een deel van hun strategie is: maak slachtoffers en maak dan misbaar over de slachtoffers. Daarbij weten ze dat ze tegen het leger van de Israëliërs geen kans maken wanneer ze het open tegemoet treden, en daarom proberen de Palestijnen het Israëlische leger te verlammen door zich te verbergen onder de burger bevolking, daardoor de echte soldaten dwingend zich in te houden. De Palestijnen weten dat de Israëliërs - een gedisciplineerd leger bestaande uit mannen en vaders - zichzelf zullen beperken om burger slachtoffers te vermeiden. Zelfs Arabische strijders hebben toegegeven dat Israëlische soldaten zich zo gedroegen. De gevangen genomen terrorist Thabet Mardawi uit Jenin vertelde de CNN de afgelopen week dat hij ' en andere Palestijnse strijders hadden verwacht dat Israël zou aanvallen met vliegtuigen en tanks.' 'Ik kon het niet geloven toen ik de soldaten zag,' zei hij. ' De Israëliërs wisten dat iedere soldaat die het vluchtelingenkamp binnen ging gedood zou worden.' Schieten op deze mannen toen zij voorzichtig de weg afdaalden was net prijs schieten. Op een dergelijke gelegenheid heb ik jaren gewacht.' Kan het nog duidelijker? De 13 Israëlische soldaten die werden gedood in Jenin in die dodenval, stierven juist omdat zij probeerden onderscheid te maken tussen militaire en niet militaire objecten op een manier die eigenlijk onmogelijk is. Met andere woorden, zij probeerden het effect van het schenden van de mensenrechten, opgelegd aan de bevolking van Jenin door het terroristen leger dat daar zijn thuisbasis had, te niet te doen. Tenslotte, natuurlijk -dat stond vast als zij zich maar niet te snel moesten terugtrekken- waren de Israëliërs succesvol in hun missie. Maar de Palestijnse terroristen, die zich verscholen hadden tussen de burgerbevolking, oogsten een groot aantal slachtoffers, die zij nu gebruiken voor PR doeleinden. Het UN onderzoek in Jenin is de vrucht van deze PR campagne. Echter, wat de Palestijnen deden om deze vrucht te oogsten is de werkelijke schending van de mensen rechten in de plaatsen van de West Bank. In tegenstelling tot het voorgaande: de enige rechtmatige vraag die de UN kan stellen over het gedrag van Israël is, of het een gepast antwoord was op deze Palestijnse provocatie en op deze methode van vechten. Wanneer de UN deze vraag wil onderzoeken, zij ga haar gang. Maar de vraag is niet rechtmatig en onpartijdig zonder een nauwkeurig begrip van de onophoudelijke schending van de mensenrechten waarmee de Israëlische soldaten werden geconfronteerd toen zij langzaam de 'booby-trapped' straten van Jenin afdaalden. Dat bedrog is de werkelijke schending van de mensenrechten in Jenin, en de hele West Bank. (Jerome Marcus, een advocaat bij het State Department in 1987-88, is een jurist in Philadelphia.)
Meer artikelen over veiligheidssituatie Israël
» Plan van Palestijnse gevangenen: een basis voor vrede? (30 mei 2006) » De overwinning van Hamas kan een keerpunt ten goede zijn (3 februari 2006) » De tartende verkiezingsoverwinning van Hamas (27 januari 2006) » Strijders kidnappen buitenlanders om betalingen af te dwingen (2 augustus 2004) » Wetgevende Raad PA verwerpt VS anti-terreur-eisen (2 juni 2004) » Rapport: PA laat 11 Palestijnen „verdwijnen” (31 mei 2004) » Bezetting niet schuldige voor Arabische brutaliteiten (12 mei 2004) » Ideologie van PA en Hamas komen sterk overeen (28 maart 2004) » Schaamteloze kinderoffers (17 maart 2004) » Een goede omheining, slechte buren (20 januari 2004) » Een zelfportret van Mahmoud Abbas (19 mei 2003) » Een roadmap naar vrede? (5 mei 2003) » Nederlandse tekst van de roadmap (30 april 2003) » HRW: zelfmoordaanslagen zijn misdaden tegen de menselijkheid (8 november 2002) » Amerikaanse State Departement wast Palestijns regime alweer schoon.(10 oktober 2002) » Jonge Palestijnse kinderen worden opgevoed tot terrorist (10 augustus 2002) » Arafat blijft terreurorganisaties financieren (30 juni 2002) » Bush roept in langverwachte rede op tot een nieuw Palestijns leiderschap (28 juni 2002) » Amnesty International veroordeeld Palestijnse zelfmoordacties (13 juni 2002) » PLO bevestigd openlijk dat haar doel is Israël te vernietigen (11 mei 2002) » Oorlogsmisdaden te Jenin? (30 april 2002) » Hoe Arafat een hele generatie opvoedde tot moord (3 april 2002) » Palestijnse Rode Halve Maan misbruikt haar immune status (1 april 2002) » Voorwendsel voor een Jihad - Over het begin van de 'Al-Aqsa intifada' (1 november 2001) » Op z'n tenen getrapt - Over het mislukken van Camp David (1 november 2001) » Balangrijke mededeling (disclaimer) » Overzicht nieuws en achtergrond artikelen | |||||||