|
Preekschets Israëlzondag 6 oktober 2003Schriftlezingen: Lev.19:18, Hos.14:2-10, Zach.3:9, 12:10, Openb.12:10-11. Dit jaar valt de Israël-zondag, 5 okt., vrijwel samen met Yom Kippur, wat begint op de avond van 5 okt. Vanuit de Feesten des Heren is het af te leiden dat er precies 3 maal 40 dagen liggen tussen Shavuoth, (Pinksteren), en Yom Kippur, (Grote Verzoendag.). Met Pinksteren werd de Torah, het Woord van God op stenen tafelen gegeven en later de Heilige Geest, als Woord van God in ons hart gegeven. Wat kunnen we van deze Grote Verzoendag nog verwachten? Heeft dat afgedaan sinds het offer van Christus, of is er nog een toekomstige invulling? Men leest op Yom Kippur over de relatie tussen jou en God in Lev. 16-18 en vervolgens uit Lev. 19-20 over de relatie tussen jou en de naaste. De hogepriester naderde het Heilige der Heiligen, om verzoening te doen voor zichzelf en voor het volk. De hogepriester was op deze dag slechts gekleed in een linnen lijfrok. Zijn 8 kledingstukken werden eerst afgelegd en aan het eind weer aangetrokken, om vervolgens het volk te zegenen. Het lot werd geworpen over de twee bokken: een voor de Heer en een voor Azazel, de zondebok. De bok voor de Heer werd geslacht en het bloed ervan werd door de hogepriester in het Heilige der Heiligen gebracht. De bok voor Azazel werd naar de woestijn gestuurd. Zodra deze bok in de woestijn was, werd de scharlaken draad aan de deur van de tempel weer wit, als teken dat God zijn volk had verzoend, Jes.1:18. Jezus kwam om de Wet en de Profeten te vervullen, Mt.5:17. De hogepriester Aaron is een heenwijzing naar Jezus, Mc.10:45, Joh.1:29. Ook de hogepriester Jozua, uit Zach. 3 is een heenwijzing naar Jezus. Alle offers uit het OT verwijzen naar het offer van Jezus op Golgotha, Dan.9:27, Jes.53, Hebr. 9:11-14, 10:1-12. Christus is zowel de Hogepriester naar de ordening van Melchizedek, Hebr. 8-9, als de zondebok, die buiten de poort heeft geleden, Gal.2:20. De dood van Jezus verwijst naar de bok voor de Heer en de Opstanding van Jezus verwijst naar de bok van Azazel, om verzoening te doen, Col.2:13, 3:13. Frappant is dat in de 40 jaar tussen Pasen en de verwoesting van de Tempel, er 4 tekenen waren rond de Tempel:
Deze tekenen hebben de Rabbijnen doen afvragen, of God zijn volk nog wel vergaf? Is de Shekina van God uit de tempel weggegaan? (Mishna, Yoma, 39a, 67a) De profetie uit Hosea 14 is een aanmoediging om met woorden van bekering te komen tot God. God zal zijn volk nogmaals genadig zijn. Vanuit Zach.3:9 is het duidelijk dat op 1 dag God zijn volk zal vergeven. Vanuit Zach.12:10 is er nog een 2e uitstorting van de H.Geest te verwachten, specifiek over het volk van God, Israël. Dit zal vermoedelijk met Yom Kippur zijn, wanneer Israël tot inkeer komt en zich gaat bekeren. Dit is nog steeds profetie: dus voor ons om naar uit te zien. Wij zien uit de context van Ex.36 en 37, dat God zijn volk heeft doen terugkeren naar het land, maar nog in ongeloof. Wanneer zij in het land zijn, zal God zijn H.Geest over hen doen uitstorten, zodat zij zich bekeren en zij vergeven worden. Het Nieuwe Verbond, met het bloed van Jezus, is in de eerste plaats met Israël gesloten. Dat betekent, dat wij net als Ezechiël, moeten profeteren dat de H.Geest ook over het volk van God gaat komen. Ez.37. Geldt dit dan ook voor ons als christenen? De feestrol met Yom Kippur is het boek Jona. Dit gaat over de bekering van Ninevé, de heidenen die ook mogen delen in de verzoening van God, ná bekering. Alleen is Jona zelf er niet zo blij mee, dat de heidenen ook deel krijgen aan Gods genade. Toch is dit profetische boek Jona een voorafschaduwing van de tijd dat Jood en heiden samen de Heer zullen dienen. God wil dat zijn volk een koninkrijk van priesters zal worden: Ex.19:6. Maar ook voor ons als christenen: 1 Petr.2:9, 2 Tim.2:5, 1Joh.2:1. Wanneer dat allemaal zal gebeuren, weten we niet. Wel, de periode van het jaar: hoogstwaarschijnlijk met Yom Kippur. De Grote Verzoendag is de belangrijkste Sabbath van het jaar. Er is een verband tussen de Grote Verzoendag en het Jubeljaar, Lev.25. Ná de reiniging door de Hogepriester, kon in het 50e jaar, het Jubeljaar beginnen. Men kreeg dan zijn eigen land terug: tijd van herstel. In Hand. 3:19-21 wordt gesproken over de tijd van herstel. Dit Jubeljaar is profetisch al aanwezig in het werk van Christus. De 1e preek van Jezus in Nazareth ging over Jes.61: waar Hij uitroept het Jaar van het welbehagen des Heren, het Jubeljaar. Het Jubeljaar verwijst naar de Wederkomst van Jezus, die komt om te overwinnen en om te verzoenen en om te herstellen, zodat het Jubeljaar kan beginnen. Wij kennen als christenen wel de voorjaarsfeesten, Pasen en Pinksteren. Dat is de basis voor ons als christenen. Maar wat is ons toekomstbeeld? Wat verwachten wij? De Feesten des Heren met de najaarsfeesten zijn bij ons onbekend, Rosh Hashana, Yom Kippur en Loofhuttenfeest. Toch spreekt het laatste bijbelboek Openbaring veelvuldig over deze najaarsfeesten:
Liederen:
Drs. Jacob Keegstra,
|
| |||||||